Populatie ringslangen groeit langzaam maar gestaag

Geschreven door Redactie

Jeroen Reinhold van Landschapsbeheer Flevoland ontfermt zich al 22 jaar lang over de ringslangen in Flevoland. Met als doel om de populatie te laten groeien.

Niet bij iedereen zijn slangen geliefd, maar volgens Reinhold zijn het schatjes. Voor de reptielen zijn door hem de afgelopen maand in Lelystad en omstreken broeihopen gemaakt. Dat zijn composthopen waar de ringslangen hun eieren in kunnen leggen.

Ringslangen zijn bruinzwart van kleur. "Ze lijken op een hondendrol als je ze in de berm opgerold ziet liggen", zegt Reinhold. De slangen zijn ongevaarlijk, eten voornamelijk kikkers en kunnen een meter lang worden. De ringslang is de enige slangensoort die in Flevoland voorkomt en is vrij zeldzaam. Het begon allemaal met een kleine populatie in de Oostvaardersplassen. Dat was 22 jaar geleden de enige plek waar de slangen voorkwamen
In de omliggende provincies kwam de slang ook voor en het doel is om deze populaties met elkaar te verbinden. Dat is nog niet gelukt. De slang is al wel te vinden tot ver in Almere en Dronten. Maar de laatste stukken moeten nog overbrugd worden. De populatie groeit nog steeds volgens Reinhold. Al zal dat niet elk jaar even hard zijn. Zo was het afgelopen jaar geen topjaar. Dat weet Reinhold, omdat hij elk jaar de eieren die in de broeihopen gelegd worden telt. Ieder jaar in juni leggen de slangen eieren, deze komen in augustus/september uit en in het najaar gaat Reinhold langs alle hopen om te kijken hoeveel eierschalen er liggen. Zo heeft hij een beeld van hoe het er voor staat met de ringslang. Afgelopen jaar zijn er zo'n 1.600 eieren geteld, terwijl dat er eerder 2.000 waren. Toch verwacht Reinhold dat het aantal slangen zal toenemen. Het is volgens hem een kwestie van de lange adem en hij is vast van plan vol te houden.